Overslaan en naar de inhoud gaan

Ontwikkeling van een meetstoel voor de beoordeling van de kwaliteit van voetgangersverhardingen

Zowel op nationaal als op internationaal niveau bestaat momenteel geen objectieve tool om de kwaliteit van  voetgangersverhardingen continu, snel en kostenvriendelijk te bepalen. Daarom heeft het OCW beslist een meetinstrument te ontwikkelen om verhardingen te beoordelen op drie criteria die voor voetgangers van fundamenteel belang zijn:

  1.  de vlakheid (comfort);
  2.  de stroefheid (weerstand tegen uitglijden);
  3. de helling (dwars en overlangs).
MEETSTOEL VOOR DE BEOORDELING VAN DE KWALITEIT VAN VOETGANGERSVERHARDINGEN

PROJECTVERLOOP

In 2016 ontwikkelde het OCW een prototype I in de vorm van een rolstoel waarop smartphones met een gps en een versnellingsmeter zijn bevestigd. Deze functies zitten standaard in alle smartphones en geven getalwaarden weer voor het comfort van de verharding (waarderingscijfers van 1 tot 10). Dit comfort wordt beoordeeld door middel van de versnellingsmeter die de verticale versnellingen meet en die vervolgens het verhardingsoppervlak aan de rolstoel en uiteindelijk aan de rolstoelgebruiker meegeeft.

Aanvullend beschikt het OCW over een afzonderlijk toestel om de stroefheid van verhardingen te meten: de zogenoemde Portable Friction Tester of PFT. Eind 2016 werden met dit prototype I PFT-metingen verricht op elf proeflocaties met elk een verschillende verharding in het centrum van de stad Brussel.

In april 2017 liet het OCW, in samenwerking met Brussel Mobiliteit, de stroefheid en vlakheid op elf locaties door verschillende weggebruikers beoordelen om te controleren of de resultaten van de meetinstrumenten overeenstemden
met het gevoel van de voetgangers. Het comfortbegrip zoals de testgebruikers het hadden ervaren, kwam overeen met de gegevens die het prototype had gegeven.

Dit positieve resultaat zette het OCW in 2017 aan om een nieuw prototype te ontwikkelen met verschillende doelstellingen:
• de dwars- en de langshellingen van voetgangerszones meten;
• de verplaatsingssnelheid meten om storingen door verschillende meetsnelheden uit te sluiten;
• de eventuele storingen wegwerken die met de (van de smartphone afhankelijke) kwaliteit van de gebruikte versnellingsmeter verband houden;
• een uniek systeem ontwikkelen waarmee alle onderdelen communiceren;
• alle verzamelde gegevens in één database centraliseren.

De uitrusting maakt het mogelijk het comfort en de langs- en dwarshellingen van trottoirs en andere voetgangersruimten continu en op basis van geolocatie te meten. Stroefheid meten kan vooralsnog niet. Daartoe zijn aparte, aanvullende toestellen nodig, met name PFT voor continue metingen (proeven zijn lopende) en SRT-slinger (Skid Resistance Tester) voor puntmetingen.

Dit prototype II zal uiteraard ook in de praktijk worden getest. In 2018 zijn de eerste metingen op het terrein uitgevoerd.

Zowel op nationaal als op internationaal niveau bestaat momenteel geen objectieve tool om de kwaliteit van  voetgangersverhardingen continu, snel en kostenvriendelijk te bepalen. Daarom heeft het OCW beslist een meetinstrument te ontwikkelen om verhardingen te beoordelen op drie criteria die voor voetgangers van fundamenteel belang zijn:

  1.  de vlakheid (comfort);
  2.  de stroefheid (weerstand tegen uitglijden);
  3. de helling (dwars en overlangs).
MEETSTOEL VOOR DE BEOORDELING VAN DE KWALITEIT VAN VOETGANGERSVERHARDINGEN

PROJECTVERLOOP

In 2016 ontwikkelde het OCW een prototype I in de vorm van een rolstoel waarop smartphones met een gps en een versnellingsmeter zijn bevestigd. Deze functies zitten standaard in alle smartphones en geven getalwaarden weer voor het comfort van de verharding (waarderingscijfers van 1 tot 10). Dit comfort wordt beoordeeld door middel van de versnellingsmeter die de verticale versnellingen meet en die vervolgens het verhardingsoppervlak aan de rolstoel en uiteindelijk aan de rolstoelgebruiker meegeeft.

Aanvullend beschikt het OCW over een afzonderlijk toestel om de stroefheid van verhardingen te meten: de zogenoemde Portable Friction Tester of PFT. Eind 2016 werden met dit prototype I PFT-metingen verricht op elf proeflocaties met elk een verschillende verharding in het centrum van de stad Brussel.

In april 2017 liet het OCW, in samenwerking met Brussel Mobiliteit, de stroefheid en vlakheid op elf locaties door verschillende weggebruikers beoordelen om te controleren of de resultaten van de meetinstrumenten overeenstemden
met het gevoel van de voetgangers. Het comfortbegrip zoals de testgebruikers het hadden ervaren, kwam overeen met de gegevens die het prototype had gegeven.

Dit positieve resultaat zette het OCW in 2017 aan om een nieuw prototype te ontwikkelen met verschillende doelstellingen:
• de dwars- en de langshellingen van voetgangerszones meten;
• de verplaatsingssnelheid meten om storingen door verschillende meetsnelheden uit te sluiten;
• de eventuele storingen wegwerken die met de (van de smartphone afhankelijke) kwaliteit van de gebruikte versnellingsmeter verband houden;
• een uniek systeem ontwikkelen waarmee alle onderdelen communiceren;
• alle verzamelde gegevens in één database centraliseren.

De uitrusting maakt het mogelijk het comfort en de langs- en dwarshellingen van trottoirs en andere voetgangersruimten continu en op basis van geolocatie te meten. Stroefheid meten kan vooralsnog niet. Daartoe zijn aparte, aanvullende toestellen nodig, met name PFT voor continue metingen (proeven zijn lopende) en SRT-slinger (Skid Resistance Tester) voor puntmetingen.

Dit prototype II zal uiteraard ook in de praktijk worden getest. In 2018 zijn de eerste metingen op het terrein uitgevoerd.