Overslaan en naar de inhoud gaan

Ontwikkelen van de grondradartechniek in wegconditieonderzoek

De grond- of georadar (Ground-Penetrating Radar – GPR) is een instrument voor niet-destructief geofysisch onderzoek dat steunt op de voortplanting en reflectie van elektromagnetische golven (van 20 MHz tot 3 GHz). De techniek is ontwikkeld in de jaren 1960 en wordt onder meer aangewend in de geologie, in de archeologie, in de hydrogeologie en bij civieltechnische werkzaamheden. De techniek is niet-destructief en daarom ook heel interessant voor wegconditieonderzoek. Een goede beheersing van de techniek is dan wel onmisbaar om meetcampagnes tot een goed einde te brengen.

Ground-Penetrating Radar – GPR
Ground-Penetrating Radar – GPR

Projectverloop

Dit project had als doel om werkwijzen op te stellen voor het gebruik van grondradar op wegen, zowel wat de uitvoering van metingen (keuze van de soort en frequentie van de antenne en andere instellingen van de radar) als de verwerking van meetgegevens (bepaling van de homogeniteit van een wegconstructie, schatting van de laagdikten in een wegconstructie, bepaling van de hoeveelheid te recyclen materiaal uit de bestaande wegconstructie) betreft. Het bood ook de gelegenheid om actief contact te onderhouden op internationaal niveau, onder meer via de COST-actie (European Cooperation in Science and Technology) TU1208 (Civil Engineering Applications of Ground Penetrating Radar).

In de hal van de OCW-vestiging in Waver werd een proeflocatie ingericht om in een gecontroleerde laboratoriumopstelling verschillende configuraties van de grondradar (verschillende antennes, verschillende frequenties, enz.) op verschillende wegconstructies uit te testen.

De internationale samenwerking van het OCW rond grondradartechniek werd verder uitgebouwd, in het bijzonder met een actieve deelname aan de Europese COST-actie TU1208 rond grondradartechniek in civieltechnische toepassingen.

Enkele bouwplaatsen werden actief gevolgd om de grondradartechniek effectief in de praktijk te brengen, zowel voor niet-destructieve evaluatie van de wegopbouw als voor detectie van buizen en kabels in en onder de weg.

In 2016 werd de OCW-meetmethode Gebruik van grondradar voor wegconditieonderzoek – Methodieken (MN 91/16) gepubliceerd. De methode formuleert praktische aanbevelingen voor de keuze van de uitrusting en voor het inzamelen, verwerken en interpreteren van meetgegevens.

Eind oktober 2017 is de prenormatieve studie Grondradartechniek voor wegconditieonderzoek afgerond. De resultaten van het project, dat begon op 1 november 2013, zijn in oktober 2017 voorgesteld tijdens een studiedag in de vestiging van het OCW in Sterrebeek. Deze resultaten zijn na de beëindiging van het project ook gepubliceerd in de reeks van OCW-researchverslagen en gecommuniceerd aan de Belgische vertegenwoordigers in de verschillende werkgroepen van het Europees Comité voor Normalisatie (CEN).

De grond- of georadar (Ground-Penetrating Radar – GPR) is een instrument voor niet-destructief geofysisch onderzoek dat steunt op de voortplanting en reflectie van elektromagnetische golven (van 20 MHz tot 3 GHz). De techniek is ontwikkeld in de jaren 1960 en wordt onder meer aangewend in de geologie, in de archeologie, in de hydrogeologie en bij civieltechnische werkzaamheden. De techniek is niet-destructief en daarom ook heel interessant voor wegconditieonderzoek. Een goede beheersing van de techniek is dan wel onmisbaar om meetcampagnes tot een goed einde te brengen.

Ground-Penetrating Radar – GPR
Ground-Penetrating Radar – GPR

Projectverloop

Dit project had als doel om werkwijzen op te stellen voor het gebruik van grondradar op wegen, zowel wat de uitvoering van metingen (keuze van de soort en frequentie van de antenne en andere instellingen van de radar) als de verwerking van meetgegevens (bepaling van de homogeniteit van een wegconstructie, schatting van de laagdikten in een wegconstructie, bepaling van de hoeveelheid te recyclen materiaal uit de bestaande wegconstructie) betreft. Het bood ook de gelegenheid om actief contact te onderhouden op internationaal niveau, onder meer via de COST-actie (European Cooperation in Science and Technology) TU1208 (Civil Engineering Applications of Ground Penetrating Radar).

In de hal van de OCW-vestiging in Waver werd een proeflocatie ingericht om in een gecontroleerde laboratoriumopstelling verschillende configuraties van de grondradar (verschillende antennes, verschillende frequenties, enz.) op verschillende wegconstructies uit te testen.

De internationale samenwerking van het OCW rond grondradartechniek werd verder uitgebouwd, in het bijzonder met een actieve deelname aan de Europese COST-actie TU1208 rond grondradartechniek in civieltechnische toepassingen.

Enkele bouwplaatsen werden actief gevolgd om de grondradartechniek effectief in de praktijk te brengen, zowel voor niet-destructieve evaluatie van de wegopbouw als voor detectie van buizen en kabels in en onder de weg.

In 2016 werd de OCW-meetmethode Gebruik van grondradar voor wegconditieonderzoek – Methodieken (MN 91/16) gepubliceerd. De methode formuleert praktische aanbevelingen voor de keuze van de uitrusting en voor het inzamelen, verwerken en interpreteren van meetgegevens.

Eind oktober 2017 is de prenormatieve studie Grondradartechniek voor wegconditieonderzoek afgerond. De resultaten van het project, dat begon op 1 november 2013, zijn in oktober 2017 voorgesteld tijdens een studiedag in de vestiging van het OCW in Sterrebeek. Deze resultaten zijn na de beëindiging van het project ook gepubliceerd in de reeks van OCW-researchverslagen en gecommuniceerd aan de Belgische vertegenwoordigers in de verschillende werkgroepen van het Europees Comité voor Normalisatie (CEN).